ZekerBouwen.nl

Per internet bestellen van uw bouwtekeningen, technische berekeningen en

 indienen van de vergunningaanvraag.

Zeker Bouwen verzorgt voor u de ontwerpen, bouwtekeningen, technische berekeningen en indienen bouwvergunningaanvraag

Alles in één huis

Home

Vergunningvrij bouwen

 

Opmerking: deze tekst is verouderd. U kan over vergunningen informatie vinden op onze nieuwe website bij  bouw ABC

 

Veel kleine bouwwerken zijn per 1 januari 2003 vergunningvrij.Voorwaarde is dat deze binnen bepaalde maten blijven en ten dienste staan van het woongenot of algemeen nut. Vergunningvrij bouwen aan of bij bedrijfsgebouwen, monumenten of bouwwerken die vallen onder een beschermd stads- of dorpsgezicht is niet mogelijk.Voor vergunningvrije bouwwerken hoeft u niet naar de gemeente en welstandstoetsing is ook niet nodig. De gemeente kan bouwwerken die qua vormgeving slecht passen bij het pand of straat wel afkeuren en een welstandtoetsing eisen. De vergunningvrije bouwwerken moeten wel worden gebouwd volgens de regels van het bouwbesluit.

Ook overeenstemming met de buren is vereist voor bouwwerken die hun belang kunnen schaden.

Laat u het bouwwerk door een aannemer of derde bouwen dan  is het toch raadzaam door Zeker Bouwen een bouwtekening te laten maken. De offerte van de aannemer kan dan worden gebaseerd op deze bouwtekening waardoor er duidelijkheid ontstaat wat u krijgt voor uw geld.

 

Welke bouwwerken zijn vergunningvrij?

In de Amvb (Algemene Maatregel Van Bestuur, voor volledige tekst klik hier) welke van kracht is sinds 1 januari 2003 staan de volgende bouwwerken genoemd als vergunningvrij (maak uw keuze in het onderstaande menu):
 

1. Aan- of uitbouw

2.Vrijstaande bijgebouwen

3.Gevelaanpassingen

4.Dakkapel

5.Erf- en perceelafscheidingen

6.Dakramen

7.Kleine bouwwerken op erf

8.Collectors

9.Zonnecollectors

10.Antenne-installaties

11.Containers

12.Nutsvoorzieninggebouwen

13.Rolhek, rolluik

14.Magazijnstellingen

15.Kleine verbouwingen

16.Speeltoestellen

17.Bouwwerken algemeen nut

18.Straatmeubilair

19.Zonwering,  rolhek, rolluik aan woning

20.Balkon en terrasafscheidingen

 

 

1. Aan- of uitbouw

a. Het bouwen van een op de grond staande aan- of uitbouw van één bouwlaag aan een bestaande woning of een bestaand woongebouw, die strekt tot vergroting van het woongenot, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. gebouwd aan:

a) de oorspronkelijke achtergevel op meer dan 1 m van de weg of het openbaar groen of

b) een niet naar de weg of het openbaar groen gekeerde oorspronkelijke zijgevel op meer dan 1 m van het voorerf en meer dan 1 m van het naburige erf,

2°. niet hoger dan:

a) 4 m, gemeten vanaf het aansluitend terrein,

b) 0,25 m boven de vloer van de eerste verdieping van die woning of

dat woongebouw en

c) de woning of het woongebouw,

3°. gebouwd binnen de breedte van de gevel waaraan de aan- of uitbouw wordt gebouwd,

4°. minder dan 2,5 m diep,

5°. zij- of achtererf door dat bouwen voor niet meer dan 50% bebouwd en

6°. niet gebouwd aan een woning of woongebouw als bedoeld in artikel 45, eerste lid (monumenten), van de wet aan een woonwagen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van de wet of aan een woning of woongebouw welke niet voor permanente bewoning is bestemd zoals vakantiewoningen.

 

2. Vrijstaande bijgebouwen

b. Het bouwen van een op de grond staand bijgebouw van één bouwlaag of een op de grond staande overkapping van één bouwlaag bij een bestaande woning of bestaand woongebouw, welke strekt tot vergroting van het woongenot, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. gebouwd op:

a) het achtererf op meer dan1m van de weg of het openbaar groen of

b) een niet naar de weg of het openbaar groen gekeerd zij-erf op meer dan 1 m van het voorerf en

c) indien de bruto-oppervlakte van het bijgebouw of de overkapping meer is dan 10 m 2 : meer dan 1 m van het naburige erf,

2°. niet hoger dan 3 m, gemeten vanaf het aansluitend terrein,

3°. zij- of achtererf door dat bouwen voor niet meer dan 50% is bebouwd,

4°. de totale bruto-oppervlakte van de op het erf aanwezige

bouwvergunningvrij gebouwde bijgebouwen en overkappingen minder dan 30 m 2 en

5°. niet gebouwd bij een woning of woongebouw als bedoeld in artikel 45, eerste lid (monumenten), van de wet bij een woonwagen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van de wet of bij een woning of woongebouw welke niet voor permanente bewoning is bestemd (vakantiewoning).


3. Gevelaanpassingen

c. Het veranderen van een kozijn, kozijninvulling, luik of gevelpaneel van een bestaande woning, bestaand woongebouw of een bij een bestaande woning of een bestaand woongebouw behorend bijgebouw, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. niet aangebracht in de voorgevel van een woning of woongebouw of een naar de weg of het openbaar groen gekeerde zijgevel van een woning of woongebouw en

2°. de bestaande gevelopening wijzigt niet.

 

4. Dakkapel

d. Het bouwen van een dakkapel op een bestaand gebouw, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. gebouwd op het achterdakvlak of een niet naar de weg of het openbaar groen gekeerd zijdakvlak,

2°. afstand tot de voorgevel meer dan 1 m,

3°. voorzien van een plat dak,

4°. zijwanden ondoorzichtig,

5°. hoogte, gemeten vanaf de voet van de dakkapel, minder dan 1,5 m,

6°. onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet,

7°. bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok,

8°. zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak en

9°. niet gebouwd op een woning of woongebouw als bedoeld in artikel 45, eerste lid (monumenten), van de wet op een woonwagen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van de wet of op een woning of woongebouw welke niet voor permanente bewoning is bestemd (vakantiewoningen).

 

5. Erf- en perceelafscheidingen

e. Het bouwen van een erf- of perceelafscheiding, mits voldaan wordt

aan de volgende kenmerken:

1°. niet hoger dan 1 m of

2°. niet hoger dan 2 m en gebouwd:

a) op een erf of perceel waarop reeds een gebouw staat,

b) meer dan 1 m achter de voorgevelrooilijn en

c) meer dan 1 m van de weg of het openbaar groen.

 

Artikel 3

1. Behoudens in gevallen als bedoeld in artikel 5 wordt als bouwen van beperkte betekenis als bedoeld in artikel 43, eerste lid, onderdeel c, van de wet voorts aangemerkt:

 

6. Dakramen

a. Het bouwen van een dakraam in een bestaand gebouw, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. onderzijde meer dan 0,5 m boven de dakvoet,

2°. bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok en

3°. zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak.

 

7. Kleine bouwwerken op erf

b. Het bouwen van een bouwwerk van beperkte omvang op een erf, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. hoogte, gemeten vanaf het aansluitend terrein, minder dan 1 m,

2°. bruto-oppervlakte minder dan 2 m 2 en

3°. voor-, zij- of achtererf voor niet meer dan 50% is bebouwd.

 

8. Collectors

c. Het bouwen van een collector voor warmte-opwekking op of aan een bouwwerk ten behoeve van de warmtevoorziening van het gebruik van dat bouwwerk of van op hetzelfde perceel gelegen andere bouwwerken, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. bij plaatsing:

a) op een schuin dakvlak:

1) binnen het vlak van het dak,

2) in of direct op het dakvlak en

3) hellingshoek gelijk aan hellingshoek dakvlak,

b) op een plat dakvlak:

1) afstand tot dakranden ten minste gelijk aan hoogte collector en

2) hellingshoek ten hoogste 35° en

2°. indien de collector niet een geheel vormt met de installatie voor het opslaan van het water: die installatie die in dat bouwwerk is geplaatst.

 

9. Zonnecollectors

d. Het bouwen van een paneel voor de opwekking van elektriciteit uit daglicht op of aan een bouwwerk ten behoeve van de elektriciteitsvoorziening van het gebruik van dat bouwwerk of van op hetzelfde perceel gelegen andere bouwwerken, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. bij plaatsing:

a) op een schuin dakvlak:

1) binnen het vlak van het dak,

2) in of direct op het dakvlak en

3) hellingshoek gelijk aan hellingshoek dakvlak,

b) op een plat dakvlak:

1) afstand tot dakranden ten minste gelijk aan hoogte paneel en

2) hellingshoek ten hoogste 35° en

2°. indien het paneel niet een geheel vormt met de installatie voor het omzetten van de opgewekte elektriciteit: die installatie die in dat bouwwerk is geplaatst

 

10. Antenne-installaties

e. Het bouwen van een antenne-installatie ten behoeve van mobiele telecommunicatie, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. bij bouwen op of aan een bouwwerk:

a) de hoogte van de antenne met antennedrager, gemeten vanaf de voet minder is dan 0,5 m, en de techniekkast:

1) inpandig of ondergronds is geplaatst,

2) op de grond is geplaatst en kleiner is dan 0,2 m 3 of

3) op een plat dak is geplaatst, kleiner is dan 0,2 m 3 en meer dan 1 m achter de dakrand is geplaatst of

b) de hoogte van de antenne met antennedrager, gemeten vanaf de voet of indien bevestigd aan een gevel van een gebouw, gemeten vanaf het punt waarop de antenne met antennedrager, het dakvlak kruist, minder is dan 5 m en:

1) de antenne met antennedrager, geplaatst is op een hoogte van meer dan 9 m, gemeten vanaf het bij het bouwwerk aansluitende terrein,

2) de techniekkast:

– inpandig of ondergronds is geplaatst of

– op een plat dak is geplaatst, kleiner is dan 2 m 3 en meer dan 1 m achter de dakrand is geplaatst,

3) de bedrading in of direct langs de antennedrager of inpandig is aangebracht, dan wel in een kabelgoot, mits deze kabelgoot meer dan 1 m achter de voorgevel is geplaatst en

4) de antennedrager bij plaatsing op het dak van een gebouw:

– aan of bij een op het dak aanwezig object is geplaatst,

– in het midden van het dak is geplaatst of

– elders op het dak is geplaatst, mits de afstand in m tot de voorgevel van het bouwwerk ten minste gelijk is aan: 18 gedeeld door de hoogte waarop de antenne met antennedrager is geplaatst, gemeten vanaf het bij het gebouw aansluitende terrein tot aan de voet van de antenne met antennedrager of

2°. bij bouwen op of aan een hoogspanningsmast, wegportaal, reclamezuil, lichtmast, windmolen, sirenemast, een niet van een bouwwerk deel uitmakende schoorsteen of op een bouwvergunningplichtige antenne-installatie:

a) de hoogte van de antenne met antennedrager, gemeten vanaf de voet minder is dan 5 m,

b) de antenne is geplaatst op een hoogte van meer dan 3 m, gemeten vanaf het bij het bouwwerk aansluitende terrein en

c) de techniekkast:

1) inpandig of ondergronds is geplaatst of

2) op de grond is geplaatst en kleiner is dan 2 m 3 ;

f. het bouwen van een andere antenne-installatie dan bedoeld in onderdeel e van dit lid en in onderdeel c van het derde lid van dit artikel, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. de antenne-installatie achter het voorerf is geplaatst,

2°. indien het een schotelantenne betreft:

a) de doorsnede van de antenne minder is dan 2 m en

b) de hoogte van de antenne met antennedrager, gemeten vanaf de voet, minder is dan 3 m of

3°. indien het een andere antenne betreft dan bedoeld onder 2°: de hoogte van de antenne met antennedrager, gemeten vanaf de voet of indien deze is bevestigd aan de gevel, gemeten vanaf het punt waarop de antenne met antennedrager, het dakvlak kruist, minder is dan 5 m.

 

11. Containers

g. Het bouwen van een container voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de wet milieubeheer, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. de hoogte van de container, gemeten vanaf het aansluitend terrein, minder is dan 2 m en

2°. indien de container bovengronds wordt geplaatst: de bruto-oppervlakte minder is dan 4 m 2.;

 

12. Nutsvoorzieninggebouwen

h. Het bouwen van een gebouw ten behoeve van een op het openbaar net aangesloten nutsvoorziening, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer of het wegverkeer, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. de hoogte, gemeten vanaf het aansluitend terrein, minder is dan 3 men

2°. de bruto-oppervlakte minder is dan 15 m 2.;

 

13. Rolhek, rolluik

i. Het bouwen van een rolhek, luik of rolluik bij andere gebouwen dan woningen en woongebouwen, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. het rolhek, luik of rolluik aan de binnenzijde van de uitwendige scheidingsconstructie is geplaatst en

2°. voor ten minste 90% uit glasheldere doorkijkopeningen bestaat.

 

14. Magazijnstellingen

j. Het bouwen van een magazijnstelling die uitsluitend steunt op een vloer van het gebouw waarin zij wordt geplaatst, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. de hoogte, gemeten vanaf de voet, meer is dan 3 m maar minder dan 8,5 m en

2°. de magazijnstelling niet is voorzien van een verdiepingsvloer of loopbrug.

 

15. Kleine verbouwingen

k. Het aanbrengen van een verandering van niet-ingrijpende aard aan een bestaand bouwwerk, mits voldaan wordt aan de volgende kenmerken:

1°. de verandering geen betrekking heeft op de draagconstructie van dat bouwwerk,

2°. de bebouwde oppervlakte niet wordt uitgebreid en

3°. het bestaande niet-wederrechtelijke gebruik wordt gehandhaafd.

 

2. Behoudens in gevallen als bedoeld in artikel 5 wordt als bouwen van beperkte betekenis als bedoeld in artikel 43, eerste lid, onderdeel c, van de wet voorts aangemerkt het bouwen van:

 

16. Speeltoestellen

a. Een speeltoestel, als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van het besluit veiligheid attractie- en speeltoestellen, mits de hoogte, gemeten vanaf de voet, minder is dan 3 m;

b. tuinmeubilair, mits de hoogte, gemeten vanaf de voet, minder is dan 2 m.

3. Behoudens in gevallen als bedoeld in artikel 5, eerste lid, wordt als bouwen van beperkte betekenis als bedoeld in artikel 43, eerste lid, onderdeel c, van de wet voorts aangemerkt het bouwen van:

 

17. Bouwwerken algemeen nut

a. Een bouwwerk, geen gebouw zijnde, van beperkte omvang, op of over een weg of een spoorweg of in een vaarwater en in de daarbij behorende bermen ten dienste van het weg-, spoorweg-, water- of luchtverkeer, de waterhuishouding, de energievoorziening of het telecommunicatieverkeer;

b. een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voor wegaanduiding, verkeersgeleiding of tolheffing ten dienste van het weg-, spoorweg-, water- of luchtverkeer;

c. een antenne-installatie met bijbehorend opstelpunt ten behoeve van de C2000-infrastructuur voor de mobiele communicatie door hulpverleningsdiensten;

d. een elektronische sirene ten behoeve van het waarschuwen van de bevolking bij calamiteiten of de dreiging daarvan, alsmede de daarbij behorende bevestigingsconstructie.

 

18. Straatmeubilair

e. Straatmeubilair.

 

19.Zonwering, rolhek, rolluik aan woningen

f. Een zonwering, rolhek of rolluik bij woningen en woongebouwen.

 

20. Balkon, dakterrasafscheidingen

g. Een afscheiding tussen balkons of dakterrassen.

 

Terug naar het begin van de pagina

Gemiddelde bouwkosten in Nederland


Huizen
Bouwprijzen van verschillende type huizen


Verbouw,aanbouw en kleine bouwwerken
Bouwprijzen van verbouw en kleine bouwwerken.


Bedrijf
Bouwprijzen van diverse type bedrijfsgebouwen.


 

 


Aan de informatie op deze pagina kan geen rechten worden ontleend.

Zeker Bouwen

Sinds 1993

Adviesbureau Zeker Bouwen BV, Langenbergsestraat 6, 5473NM Heeswijk-Dinther  Tel: 0413-352640 fax: 0413-352373

e-mail: zeker.bouwen.ro@planet.nl ABN-Amro bank nr. 598872981   K.v.K. nr. 16069662   BTW nr. 8105.43.072.B.01